1. Financiële Functie in het Staatsrechtelijk Bestel, Het Gemeentebestuur en Government Governance

Let op!:
Deze tekst betreft de lesstof BBV-Basis die ik in 2021 gevolgd heb aan de Bestuursacademie Nederland. Op geen enkele manier kunnen hier rechten aan ontleend worden. Het dient uitsluitend ter inspiratie.

Plaats Financiële Functie in het Staatrechtelijk Bestel

Plaats van gemeente
Gemeenten (bestuurslaag) staan veel dichter bij bevolking dan het Rijk.

De gemeente

  • Bestuurslaag dichtst bij burger
  • Primair verantwoordelijk voor groot aantal zaken waarmee burger in dagelijks leven wordt geconfronteerd
  • Overheidsbeleid op gemeentelijk niveau meest direct beïnvloedbaar
  • Via inspraak en participatie van de burger is democratie op de meest directe wijze gestalte te geven op lokaal niveau

Financiële Bepalingen Overheid

  • Gemeentewet (Gw): artikel 186 e.v.
  • Provinciewet (Pw): artikel 190 e.v.
  • Waterschapswet (Ww): artikel 98 e.v.
  • Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr): Per hoofdstuk paragraaf 7 financiën

Afhankelijk van de partijen die deelnemen in de gemeenschappelijke regeling zijn één of meerdere van de volgende wetten van toepassing:

  • artikel 186 tot en met 213 van de gemeentewet
  • artikel 190 tot en met 219 van de provinciewet
  • artikel 98 tot en met 109c van de waterschapswet

Staatsrechtelijk bestel

  • Grondwet
  • Gemeentewet / Provinciewet
  • Wet dualisering gemeentebestuur en provinciebestuur
  • Financiële Verhoudingswet
  • Hoofdlijnen BBV
  • Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV)
  • Regeling vaststelling taakvelden en verstrekking informatie voor derden
  • Besluit Accountantscontrole Decentrale Overheden (BADO)
  • Wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO)
  • Wet Houdbare Overheidsfinanciën (HOF)
  • Verordeningen art. 212, 213 en 213a Gemeentewet (Gw)
  • Gemeentelijke regelingen/nota’s op basis van de verordening art. 212 Gw
  • Andere wetten en regelgeving

Gemeentewet

  • Procedurele bepalingen (vereisten aan documenten)
  • Inhoudelijke bepalingen (vereisten aan financiële gegevens)
  • Verplichte uitgaven gemeenten alleen per wet opleggen (art. 187 Gw)
  • Begroting moet in evenwicht zijn (art. 189 Gw)
  • Alle taken en activiteiten moeten van geld voorzien zijn (art. 198 Gw)
  • Drie/vier verordeningen vaststellen:
  1. Uitgangspunten financieel beleid, financieel beheer en inrichting financiële organisatie art. 212 Gw)
  2. Controle op het financiële beheer en op de inrichting van de organisatie (art. 213 Gw)
  3. Onderzoek naar doelmatigheid en doeltreffendheid van het gevoerde bestuur (art. 213a Gw)
  4. Rekenkamer(functie) art 81a en art 81oa (rekenkamer bepaalt de eigen agenda)
  • Vaststelling van de begroting in het jaar voorafgaand aan het jaar waarvoor zij dient (art. 191 lid 1)
  • College dient jaarlijks en tijdig aan de raad de ontwerpbegroting aan te bieden (art. 190)
  • Vastgestelde begroting moet binnen twee weken na vaststelling, maar in ieder geval vóór 15 november van het jaar voorafgaand aan het jaar waarvoor de begroting dient aan GS te worden gezonden (art. 191 lid 2)
  • Jaarstukken vóór 15 juli

Voor anderen geldt!

  • Deadline 15 november (begroting) en 15 juli (jaarstukken) geldt ook voor provincies (art. 195 Pw)
  • Voor waterschappen geldt 1 december (begroting) en 15 juli (jaarstukken) (art. 101 Ww)
  • Voor gemeenschappelijke regelingen geldt 1 augustus (begroting) en 15 juli (jaarstukken) (art. 34 Wgr). Maar let op!:

Het dagelijks bestuur van het openbaar lichaam, het bestuur van de bedrijfsvoeringsorganisatie of het gemeenschappelijk orgaan zendt vóór 15 april van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, de algemene financiële en beleidsmatige kaders én de voorlopige jaarrekening aan de raden van de deelnemende gemeenten.

Besluit Begroting en Verantwoording (BBV)

Aanleiding BBV: Eigenheid, Wet Dualisering en Informatiebehoefte

BW 2 titel 9

  • Art. 186 Gw (190 Pw): verwijzing naar AMvB
  • BBV 2004 (art.3 → inzicht!) >> alle benodigde partijen over juiste informatie beschikken
  • Vernieuwing BBV 2016

Eigenheid jaarverslaglegging

  • Aanleiding BBV is de eigenheid van provincies en gemeenten t.b.v. het inzicht voor de gemeenteraad en provinciale staten in het democratisch proces
  • Eigenheid behelst die kenmerken van een gemeentelijke huishouding die ertoe leiden dat de verslaggevingsvoorschriften voor het bedrijfsleven (BW 2, titel 9) en de richtlijnen voor de jaarverslaglegging niet direct toepasbaar zijn
  • Daarom is er de naast relevante bepalingen van BW2 een eigenstandig kader!

5 Wezenlijke Kenmerken Eigenheid Financiën Gemeente

GemeentenBedrijven
Doel: bereiken maatschappelijke ontwikkelingenDoel: voortbestaan/winst
Inkomensbestedendinkomensverwervend
Openbare begrotingGeen openbare begroting
Uitgaven deels gebonden door middelen derdenNauwelijks van toepassing
(On)Rendabele activaAlleen rendabele activa
Niet wezenlijke kenmerken
– Gemeenten kunnen niet failliet gaan
– Publiekrechtelijke organisatie
– Uiteenlopende taakvelden/taken
– Gemeenten mogen belasting heffen
– Kunnen wel failliet gaan
– Privaatrechtelijke organisatie
– Meer gelijksoortige producten
– Mogen geen belasting heffen

Eigenstandig kader in de praktijk

De vier onderdelen die samen het BBV vormen:

  • Hoofdlijnen BBV nader verklaard
  • BBV
  • Vraag en antwoord rubriek (V&A)
  • Notities met richtlijnen: stellige uitspraken en aanbevelingen (SU en A)